Licht beschaamd stond ik in Urville voor de trappen van
Maison Drappier. Letterlijk klein, want drie meter hoger bevond
zich de miljoenenproductie van het champagnehuis waar ik al jaren mee werkte en
waar ik NOG NOOIT was langs geweest.

Maison Drappier heeft een bijzonder verhaal. Het brengt elk
jaar 1,6 miljoen flessen op de markt, de capaciteit van een kleine Maison de
champagne
*. De gelijkenis met een Maison gaat verder: van de 120 ha
druivenranken die vruchten dragen voor Drappier champagne, is er 60 ha onder
“location” bij récoltants. Toch is de familie nooit in de verleiding gekomen
om de productie naar een champagne-hoofdstad over te brengen, noch om het
bedrijf uit handen van de familie te geven. Niet dat het aanbod er niet was…
een deel van de premium champagnes rijpt trouwens sinds 1988 in een
ondergrondse gang in Reims, in flessen die vertrekken vanuit Urville. De caves in
de Aube zijn historisch even interessant als die onder de steden Epernay en
Reims, maar minder diep, minder vochtig en minder koel. De natuurlijke rijping
in de krijtgangen van het noorden doet de grote cuvées van Drappier alle eer
aan.

Om maar te zeggen: de familie Drappier beslist geheel
onafhankelijk van mogelijke aandeelhouders over de champagne Drappier. De
achtste generatie is stilaan aan zet: Hugo, jongeman van 26 jaar, denkt na over
de uitdagingen van de toekomst en het staat vast dat die tijdig, inventief en
innovatief worden aangepakt, zoals het traditie is bij Drappier. Vader Michel
nam alvast het besluit om 1/3 van de wijngaarden in productie bij Drappier naar
biologische wijnbouw om te schakelen. Andere
nieuwigheid: de vorm en structuur van de flessen. Kortere hals = minder
oxidatie. Filter in de glasstructuur van de transparante flessen = minder
lichtpollutie en dus tragere veroudering. En, natuurlijk, wordt met geen vinger
geraakt aan de 50 are aan arbanne.

De provocaties en avant-garde aanpak van de Drappiers sinds
de eerste generatie (zich in 1808 in Urville vestigen, in de Côte des Bars, een
regio die pas sinds 90 jaar tot de regio van champagne behoort. of nog: voluit
kiezen voor pinot noir, op een moment dat “champagne” net beslist had om zo wit
mogelijk te zijn) blijken een kenmerkende constante doorheen de jaren. Vandaag
hoor je een koppige, glimlachende, overtuigde en overtuigende Michel praten
over de redenen waarom mrc geen optie is voor hem, waarom hun sulfitages nooit
meer dan 35mg bedragen (en hoe de state-of-the-art persen van Coquard daaraan
bijdragen), waarom de liqueurs de dosage tot 30 jaar oud mogen zijn en hij dus
een réserve perpétuelle nastreeft, waarom de liège+agraphe voor de Jéroboam
2006 en Mathusalem wél mag, waarom elk perceel apart wordt gevinifieerd, wat
het eiken ei daar staat te blinken en
waarom samenwerkingen in het buitenland nooit onder de naam van Drappier
gebeuren.

Een rondleiding in de droge, best aangename gangen in
Urville bracht me tot veel vragen die alle geduldig en voorbereid werden
beantwoord. “Je vais pas te
vouvoyer, ça te dérange pas?
” “Tu as besoin de combien de temps pour tes
questions, 20 minutes?
30 max ? ». Drie uur later en het ijs
in duizend stukken gebroken, was ik een spons die zich volgezogen had met kennis.

Ik was uiteraard te laat op de volgende afspraak, maar ik
had zonet een kleurrijke, mensverheffende ontmoeting gehad.
Niet één, wel 6. Grootvader André had over zijn vriendschap met Paul Bocuse
verteld, Michel was nieuwsgierig naar de literatuur in mijn koffertje,
kleinzoon Hugo luchtte zijn hart: “ik werk hard om te weten hoe het op papier
allemaal zit, maar ik ken (nog) niet dezelfde verhalen uit het verleden”. Ach,
in het Frans klinkt het allemaal beter.

Het zit helemaal goed met Drappier. Ze leken verbaasd dat ik
het begrip “avant-garde” kleefde op hun business sérieux, maar zeg nu zelf…

Degustatie:

Brut Nature (pinot noir): vers groenkruidig, vlezig in de
neus. Rijpe citrus over heel het palet met gember in nasmaak.

Brut Nature rosé (pinot noir saignée): aardbei en ander rijp
tot dtoog geconfijt fruit, lichte smaken van fermentatie, lineair bitter,
aangenaam zacht pikant in de nasmaak.

Carte d’Or (de trots van grootvader André: 80% pinot noir,
15% chardonnay, 5% pinot meunier): rijpe abrikoos en rauw vlees in de neus,
bitters en zuren geïntegreerd en ook fris, weer met gember in de nasmaak.

Quattuor (« Blanc de Quatre Blancs » 25%
arbane, 25% petit meslier, 25% blanc vrai, 25% chardonnay, alle samen
gevinifieerd. 7 weken na dégorgement) : grijzig-gele tint met
extreem fijne belletjes, krijt, rijp geel fruit, vers vegetaal, en licht vineus
in de neus, heel droog en pompelmoes in de mond met nette afdronk van -alweer-
gember.

La Grande Sendrée
2008 (55% pinot noir, 45% chardonnay. 1/3 van de assemblage 9 maanden op
fouders, 7 jaar sur lie. Bio zonder certificaat) : Magistraal. Geen
gember ditmaal.

*De Maisons de Champagnes, samen met de Grandes Marques de
Champagnes, zijn négociants (meestal négociant-manipulant NM omdat ze ook eigen
wijngaarden bezitten) die sinds de 18e eeuw hun champagne productie in Reims en Epernay onderbrachten. Vele werden buiten de stichtende familie
overgenomen en brachten daardoor meer commerciële en industriële kennis in de
champagne wereld. De Maisons zijn traditioneel partner van de druiventelers (récoltants,
gegroepeerd in de Syndicat Général des Vignerons de Champagne) van wie ze
druiven aankopen en met wie ze op gelijke basis deel uitmaken van de overkoepelende
Comité Interprofessionnel du Vin de Champagne . Informatieve websites: Maisons Champagne en Syndicat Général des Vignerons de Champagne